Logo twentsvolksblad.nl


Arie Hazendonk is een kwajongen met een een serieuze ondertoon en een dijk van een tuin. Foto: Barbara F. Plaggenmarsch-Reijnders
Arie Hazendonk is een kwajongen met een een serieuze ondertoon en een dijk van een tuin. Foto: Barbara F. Plaggenmarsch-Reijnders

Tuinder Arie: 'Jipkesbelt is fantastisch'

Bijna iedere zomerse avond hoor je hem al van ver aankomen. Zijn zangerige Zuid-Hollandse accent verraad hem al op afstand, wanneer Arie Hazendonk jolig over tuinencomplex De Jipkesbelt aan komt fietsen.

NIJVERDAL - Meestal redt hij het niet in één keer naar zijn tuin. Joelend begroet hij iedereen die op het complex aanwezig is en meestal springt hij halverwege al van de fiets om een praatje te maken met een collega tuinder. Zijn uiterlijk, zijn manier van praten en de jongensachtige manier waarop hij over de Jipkesbelt fietst, verraden dat er een kwajongen in hem schuilt, maar dan wel een met een serieuze ondertoon en een dijk van een tuin. Strak op een rij staan de bonenstokken, daarachter een veldje met pompoenen en aan de rechterkant van het pad rijen bietjes, sla en aardbeien.
"Ik zit hier nu een jaar op de tuin en ik wil hier niet meer weg", roept Arie, terwijl hij een bosje wortels uit de grond trekt. Hij kijkt op en zwaait ze in het rond. "Ik weet niet wat er in die grond hier zit, maar alles komt op en groeit als een gek. Moet je kijken, ik heb vorige week boerenkool gezaaid, alles is opgekomen, maar dan ook echt alles. Waar ik vandaan kom, uit Lexmond, daar moest je de groente zowat de klei uittrekken. Het is hier echt fantastisch", roept hij uit.
Jarenlang reed Arie Hazendonk als chauffeur door Nederland, maar dat was hij op een goed moment spuugzat. "Ik kon toen een baan krijgen in Rijssen, bij een bedrijf dat in pallets doet, toen was de keuze gauw gemaakt. Eigenlijk heb ik altijd al uit dat drukke westen weg gewild en vorig jaar heb ik de knoop doorgehakt. Samen met mijn vrouw Adrie en de kinderen zijn we oostwaarts getrokken en in Nijverdal geland", vertelt hij. Ondertussen lopen we tussen de metershoge bonenstaken door, de bonen al hoog in top.
Van huis uit kreeg Arie het tuinieren met de paplepel ingegoten. "We woonden in een klein dorpie, daar tuinierden we allemaal. Toen ik hier dan ook vorig jaar op de Jipkesbelt kwam, ging mijn hart open. Wat een mooi tuinencomplex. En die grond hè, ik weet echt niet wat erin zit, maar alles groeit als een gek!" Hij wrijft in zijn handen alsof hij niet wachten kan op de resultaten van zijn harde werken.

De Jipkesbelt heeft hij in zijn hart gesloten, de vereniging van tuinders evenzo. "Ik zit hier in een straatje op de Jipkesbelt met leuke mensen en we ouwehoeren wat af. Heerlijk, ik kan er geen genoeg van krijgen." Dan stapt hij weer op zijn fiets, zwaait nog even en taait af. De temperatuur is inmiddels flink onderuit gegaan en het begint al donker te worden. "Ajuus", roept Arie naar een tuinder die nog aan het werk is. Ze zwaaien even naar elkaar. Morgen weer een dag op de Jipkesbelt.

1 reacties